Wijnproeverij: een kijkje in de praktijk

 

Dronken geschreeuw, gegooi met glazen, vernielingen. De schrik van ieder restaurant. Ze worden ook geweerd in vakantieparken. Daar denk ik aan, al fietsend door de stad. Ik ben immers op weg naar een wijnproeverij voor 40 studentes.

Als ik aanbel gaat de deur open. Vervolgens beklim ik vele trappen, want het is natuurlijk op de bovenste verdieping. Ik word vriendelijk ontvangen door een paar dames. Ze stellen zich voor en zij zullen mij helpen de overige dames in het gareel te houden.

Ik zet de wijnglazen alvast neer en leg wat proefformulieren op de tafels. Waarschijnlijk voor niks meegenomen want ze zullen wel vooral willen drinken. Het valt me op dat het gezellig is. Er liggen kleine lichtjes op de tafels en er staan overal schalen met kaasjes en toastjes

Het loopt langzaam vol. De muziek staat aan en het is een drukte van jewelste. Voor we beginnen neemt de praeses het woord. Iedereen die een glas breekt heeft een probleem, dreigt ze. De muziek gaat uit, het wordt doodstil en ik begin.

Het bruist en borrelt

Ze willen alles weten. Hoe je goed moet proeven, of je rode tanden krijgt van goedkope rode wijn, waar de sauvignon blanc ligt, wat RVS is, wat bepaalt of een druif van goede kwaliteit is, hoe lang je wijn kan bewaren die open is, wat er mis is als je wijn naar lijm ruikt, hoe je rose maakt, enz. Er wordt gedronken en gelachen.

Dat was een week geleden wel anders toen ik een wijnproeverij gaf voor een groot bedrijf in het zuiden van het land. Niemand had vragen. Toen ik vroeg wat men rook en proef bleef het ijzig stil. Aarzelend vertelde ik dan maar wat ik proefde. Zelfs de prachtige Chenin Blanc van een topdomein uit de Loire vonden ze niet lekker. In doodse stilte heb ik mijn verhaal gehouden. Tot mijn verbazing kreeg ik echter achteraf van de gastvrouw te horen, dat ze het toch naar hun zin bleken te hebben. Stille genieters kennelijk…

Wat proef je

In het studentenhuis is er volop interactie. Ik proef kersen, nee Kerst, rozen, abrikoos, appel, citrus. De avond vordert en halverwege zijn we nog niet op de helft van de te schenken wijnen. Na de mousserende en witte wijnen gaan we over naar rood. Ik besluit het tempo wat op te voeren. Dat is geen probleem: de glaasjes worden snel opgedronken en de dames zijn weer in afwachting van de volgende. Het lawaai neemt toe, er wordt gezongen over een camembert, er wordt gemorst waarna iemand komt vragen hoe je rode wijn uit je broek krijgt.

Ik loop uit maar vind het niet erg. Al mijn vooroordelen ten spijt heb ik het reuze naar mijn zin. En geen glas gebroken!